Moe van een werkdag waarop je eigenlijk niks deed

Kort gezegd: je hebt een werkdag gehad zonder ramp en zonder crisis, en toch plof je ’s avonds compleet leeg op de bank. Vraagt iemand wat er zo zwaar was, dan kom je niet verder dan: het was gewoon druk. Dat komt doordat je de hele dag je mening inslikt, je vragen afzwakt en meebeweegt met dingen waar je niet achter staat. Dat kost meer energie dan het werk zelf. Hieronder lees je waar dat aanpassen bij jou in zit, waarom een dag minder werken je niet helpt, en wat je er wel aan doet.

Je kunt niet uitleggen waarom je zo moe bent

Je hebt wat mailtjes beantwoord. Je hebt twee overleggen gehad. Misschien heb je een presentatie gegeven of met een collega afgestemd hoe jullie een project aanpakken. Niks bijzonders.

En toch ben je om zes uur op. Zo op dat je richting je kinderen niet veel meer kunt hebben. Je lontje is korter dan anders en misschien snauw je zelfs een keer om niets. Als er dan wordt gevraagd of je een spelletje wilt doen of nog even mee gaat wandelen, dan wil je dat eigenlijk niet. Wat je wilt is in bed kruipen, of nog net even Netflix.

Daarna komt de gedachte die iedereen krijgt. Doe ik te veel? Werk ik te veel? Heb ik te veel verantwoordelijkheid? Krijg ik soms een burn-out? En van je omgeving hoor je dat je het rustiger aan moet doen.

Soms klopt dat ook. Maar heel vaak is er iets anders aan de hand, en dat ziet bijna niemand.

Er zijn twee soorten moe

Je kunt moe zijn van te veel doen. Dan werkt rust, want een weekend of een vakantie helpt en daarna ben je er weer.

En je kunt moe zijn van jezelf de hele dag aanpassen. Dat is een andere soort moeheid, en daar helpt rust maar heel even bij.

Dat aanpassen is trouwens niets raars. Wij zijn kuddedieren. Vroeger overleefde je niet in je eentje, dus als de groep je niet oké vond, had je een probleem. Dat zit nog steeds in ons. Daarom passen we ons aan, ook als het ons iets kost.

Waar dat aanpassen bij jou in zit

Dit hoor ik het vaakst van de mensen die bij mij aan tafel zitten.

  • Je staat niet achter de koers, en je zegt er niets van. De visie of de kernwaarden die je organisatie uitdraagt, daar zie jij het niet van. En elke keer als ze langskomen, knik je mee.
  • Je slikt je mening in. Je hebt hem hier al een paar keer gegeven en er gebeurde niets mee. Hoe dat gaat in een overleg beschrijf ik in waarom je in vergaderingen je mond houdt.
  • Je haalt de scherpe randjes van je vragen af. Je bedenkt van tevoren hoe je iets gaat brengen, zodat het niet verkeerd valt.
  • Je steekt je hoofd niet boven het maaiveld uit. Want je hebt gezien wat er gebeurt met mensen die dat wel doen.
  • Je doet extra aardig tegen een collega waar je het liefst met een boogje omheen loopt.

Los stelt elk van die dingen niets voor. Je bent professioneel, je doet wat er van je gevraagd wordt. Alleen doe je dat de hele dag, elke dag, en dat is precies waarom je het zelf niet meer ziet.

Want dit is niet ineens begonnen. Je bent je beetje bij beetje gaan aanpassen, en op een gegeven moment doe je het automatisch. En als je je daar niet van bewust bent, dan voelt het als een hele vreemde vermoeidheid. Je weet dat je leeg bent, en als iemand vraagt waarvan, dan kom je niet verder dan: het was gewoon een drukke dag.

Het zit ook in je taken

Niet alleen in hoe je je gedraagt, ook in wat je doet.

Taken die je met twee vingers in je neus doet. Taken die je al veel te lang doet en waarvan je denkt: dit heb ik wel uitgespeeld. Een overleg waarin voor de derde keer dezelfde argumenten langskomen en iedereen nog een plasje over de besluitvorming moet doen.

En dan is er nog iets waar bijna iedereen overheen kijkt. Iets goed kunnen en er energie van krijgen zijn twee verschillende dingen.

Ik zat ooit bij een team waar één vrouw de dossiers van de cliënten precies op orde had. Daardoor werd er netjes betaald door de verzekering, en haar zes collega’s droegen haar daarvoor op handen. Maar ze keek er niet blij bij. Toen ik vroeg wat er aan de hand was, zei ze: hier ben ik dan misschien gestructureerd, maar thuis is mijn huis een puinhoop. Ze deed het omdat niemand anders het deed en ze zich verantwoordelijk voelde. Iedereen zei dat ze het zo goed kon, en ondertussen zoog het haar leeg.

Misschien ben jij degene aan wie ze alles vragen omdat jij weet hoe de procedures lopen. Je bent er de beste in. En juist daarom kost het je energie, want je wilt die rol allang niet meer.

Waarom minder gaan werken je niet helpt

De eerste oplossing waar mensen aan denken is minder doen. Een dag minder werken. Minder je best doen. Je met minder dingen bemoeien. Je er minder van aantrekken.

Alleen lek je dan opnieuw energie, en dat verrast bijna iedereen. Want jezelf tegenhouden kost ook kracht. Jij moet actief iets uitzetten wat vanzelf aan staat, en dat voelt bovendien niet als jou.

Het is niet de hoeveelheid werk. Het zijn dat ene overleg, die ene collega en die ene taak waar je elke week je energie op verliest, en die blijven er gewoon staan als je een dag minder werkt.

De vraag die je jezelf wel moet stellen

De vraag is dus niet: hoe hou ik dit vol.

De vraag is: waar lekt mijn energie weg, en waar zou ik hem eigenlijk aan willen geven.

Want als je energie krijgt van je werk, dan lijkt het een vat dat niet leeg raakt. Kost je werk energie, dan kun je hem maar één keer uitgeven en dan gaat het soms heel hard.

Wat je eraan doet

  • Houd twee weken bij wanneer je leegloopt. Eén regel per dag in je agenda: welk moment, welke taak, welk overleg. Zet er een cijfer bij van 1 tot 10. Na twee weken zie je zwart op wit waar het aan opgaat, en dat is bijna nooit wat je dacht.
  • Zoek de momenten waarop het wel goed ging. Wanneer kwam je een keer met energie thuis? Wat deed je toen, met wie, en wat was er anders aan die dag.
  • Zorg dat je het kunt uitleggen. Niet “het schuurt gewoon”, maar: ik loop leeg op overleggen zonder besluit en op werk waar niemand naar mijn oordeel vraagt. Mensen die dat voor het eerst kunnen zeggen, merken meteen dat het lucht geeft. Ook als er nog niets is veranderd.
  • Ga niet minder werken om het vol te houden. Als je merkt dat je jezelf moet inhouden om het uit te zingen, dan is de vraag niet hoeveel uur je werkt maar of dit de plek is waar je wilt blijven. Weet je dat inmiddels wel maar niet wat dan wel, lees dan je weet dat dit werk het niet meer is, maar niet wat dan wel.

Wil je hier zelf mee beginnen, dan is de Mini Kompas Cursus je eerste stap. Zeven dagen, elke dag een mail met een opdracht van een kwartier. Aan het eind zie je op papier staan waar jouw energie naartoe gaat en waar hij weglekt. Het is geen loopbaantraject, het is het begin.

Dit is trouwens geen vrouwenverhaal. Ik spreek net zoveel mannen die hier zitten, en die er nog minder makkelijk over beginnen.

Veelgestelde vragen

Waarom ben ik zo moe van mijn werk terwijl ik niks zwaars doe?

Omdat je waarschijnlijk niet moe bent van wat je doet, maar van wat je de hele dag inhoudt. Je mening, je vragen, je tempo, je irritatie over een collega. Los kost dat niets, bij elkaar opgeteld kost dat alles.

Is dit het begin van een burn-out?

Bij een burn-out kun je niet meer, ook al zou je willen. Hier gaat het nog wel, je bent er met je hoofd alleen allang niet meer bij. Over dat verschil schreef ik hoe je werkstress of een bore-out herkent. Twijfel je, of houdt de moeheid maandenlang aan zonder dat er iets in beweegt, ga dan naar je huisarts. Er kan ook een lichamelijke oorzaak zijn.

Helpt het als ik een dag minder ga werken?

Bijna nooit, en dat is de teleurstelling waar veel mensen tegenaan lopen. Je hebt dan één dag minder van hetzelfde, en op de andere vier dagen verandert er niets. Als je leegloopt op de omgeving, dan lek je op vier dagen net zo hard als op vijf.

Ik ben er goed in, dus dan zou het toch geen energie moeten kosten?

Dat is de hardnekkigste gedachte van allemaal. Je kunt ergens de beste in zijn en er tegelijk helemaal leeg van worden. Je collega’s zien wat je oplevert, jij voelt wat het je kost, en niemand legt die twee naast elkaar.

Waar merk ik het thuis aan?

Aan je lontje. Je houdt je de hele dag in op je werk, en thuis, bij de mensen van wie je het meeste houdt, komt eruit wat je hebt opgekropt. Dat is geen karakterfout, dat is de rekening van je werkdag.

Liever luisteren?

Dit artikel komt uit aflevering #164 van mijn podcast, Waarom ben je zo moe van een werkdag waarop je niks deed.

Wil je weten waar jouw energie weglekt?

Plan een gratis gesprek van drie kwartier. Je vertelt wat er speelt, ik stel de vragen die je jezelf niet meer stelt, en aan het eind weet je of het aan deze werkplek ligt of aan het soort werk dat je doet. Je zit daarna nergens aan vast.

Wil je eerst zelf lezen, download dan het gratis e-book 7 valkuilen die je grootste talenten blijken te zijn. Daarin lees je waarom de eigenschappen die je nu tegenhouden vaak precies je sterkste kanten zijn.